Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


woensdag 13 november 2013

Shar Pei

Ik heb de foto van de hond, die ik voornemens ben, aan te schaffen, maar waarvan ik het merk niet wist, aan de Apeldoornse Kynologen Club voorgelegd. Je moet tenslotte toch ergens beginnen. Kynologen zijn hele kiene mensen en ze wisten me dan ook na ampel onderling beraad al gauw te melden om wat voor soort hond het hier ging.

'Niettemin voor alle zekerheid de foto ook aan Google toevertrouwd. Met het verzoek om vergelijkbare afbeeldingen op te zoeken. En verrassenderwijs is gebleken, dat “mijn” hond in elk geval  gelijkenis vertoont met een Deense Dog, een St.Bernhard, een oud-gemeentesecretaris van Winschoten en een Shar Pei. Deze laatste bleek het uiteindelijk te zijn. Een hond van Chinese makelij. Zeldzaam en bijna uitgestorven. Dus een uitstekend gespreksonderwerp en uitermate geschikt als social medium. Ik heb geen Facebook meer nodig om interessante contacten te leggen.

Omdat de levertijd van mijn Shar Pei (af fabriek) ongeveer een week bedraagt, ben ik maar vast de route gaan lopen, die ik straks enkele malen per dag met hem zal afleggen, benieuwd als ik was, wie  en wat ik onderweg allemaal zou tegenkomen, waar, wanneer en hoe vaak. De oogst ben ik aan het verwerken in frequentiestaten.

Wie mij en mijn hond op onze dagelijkse wandeling live (op een kaart) wil volgen, dan wel wil weten, waar wij ons bevinden om mijn hond te zien of een praatje met mij te maken, hoeft mij alleen maar zijn/haar emailadres op te geven.

donderdag 7 november 2013

Bankroet

Mijn vertrouwen in het bankwezen is tot een zo laag niveau gedaald, dat ik zelfs niet meer op een bank in het park durf te gaan zitten. Alles wat met banken te maken heeft, wantrouw ik, of het nu gaat om een speelbank of een bloedbank, dan wel om een bankstel, een bankschroef of een banket of banketstaaf. Zelfs het bankbiljet vertrouw ik niet meer. Toen ik laatst eindelijk een biljet van 200 Euro te pakken had gekregen, bleek ik er niets mee te kunnen doen. Hoe mooi zou het leven zijn geweest, als de mens nooit was uitgevonden en er dus ook geen geld was geweest.

Nicolaas Beets (u weet wel: van de Camera Obscura) wist dat in het midden van de 19e eeuw al:

Die Niets heeft, dingt naar Iets met wenschen en gebeden;
Die Iets heeft, haakt naar Meer, naar Veel, die Meerder heeft;
Die Veel heeft, is nog ‘t minst tevreden,
Maar had graag Alles wat de wijde wereld geeft.
Zoo blijft een rustloos menschdom jagen,
En troost zich zorgen en gezwoeg,
In plaats van naar ‘t geluk te vragen,
Dat in dat woordje schuilt: GENOEG.

woensdag 6 november 2013

Honds

Kinderen en honden zijn de beste sociale media. Je actieradius is weliswaar beperkt, maar je ziet in ieder geval wat je doet. Houders van honden en kinderen hebben geen Facebook nodig voor het leggen van contacten en het vlechten van sociale netwerken. Dat gaat vanzelf, soms zelfs tegen wil en dank.
Niet onlogisch dus, dat ik overweeg om een hond aan te schaffen van bijgaand model. De foto is niet mooi, de hond wel. Mand, riem, eet- en drinkbak, stukken buffelhuid en ingevroren pens zijn al aanwezig. Nu de hond zelf nog. Maar helaas schiet mijn kynologische kennis te kort om te weten, wat voor merk dit is. Wie helpt?

woensdag 21 maart 2012

Courante berichten

Wie een beetje uitgeslapen is, zal het niet zijn ontgaan, dat we momenteel midden in de Nationale Slaapweek (19 tot en met 25 maart) zitten. Om dat evenement wat beter op de kaart te zetten, is onderzoek gedaan naar de invloed van de slaap in en op het werk. Eén van de opmerkelijkste uitkomsten van dit onderzoek mag wel het feit worden genoemd, dat vele mensen ‘s nachts wakker liggen van hun werk en overdag vaak op hun werk in slaap vallen…. Dat probleem moet toch oplosbaar zijn.

Aan het begin van deze Nationale Slaapweek las ik in de krant van wakker Nederland de mededeling, dat de bij het ongeval betrokken bus geen technisch effect vertoonde.
De gewonden waren inmiddels gerepareerd, zo hoorde ik iemand uit dezelfde krant voorlezen. Maar er stond wel degelijk en duidelijk gerepatriëerd, al zal het één het ander niet uitsluiten.

Nu het werk van de Commissie Deetman is voltooid, komt men in de kranten regelmatig de kop tegen: “Pastoor op non actief”, soms met en soms zonder streepje tussen non en actief. Dat ene streepje maakt weliswaar een wereld van verschil al is hier het één een duidelijk gevolg van het ander. Het non-actieve het gevolg van het actieve. Zo zie je maar, hoe activiteit tot non-activiteit kan leiden.

Femke Halsema blijkt stoffeerster te zijn geworden. Dat maak ik tenminste op uit een kop in het universiteitsblad Illuster, waarin wordt aangekondigd, dat zij een leerstoel gaat bekleden. Zij heeft groen licht gekregen om zich als gasthoogleraar bezig te gaan houden met de betekenis van communicatietechnologie.

Nu we het toch over Groen Link(s) hebben: raadslid J.Gijsbers van een lokale milieupartij te Bunnik, had zo zijn eigen oplossing voor het milieuprobleem. Het raadslid wist wel raad met zijn afval en dumpte het gewoon bij de rechter buurman (voor de kijker links) in de tuin. Tot de buurman onraad rook en een webcam plaatste. Waarna het raadsel snel was opgelost. En het raadslid ook. Komt tijd, komt raad.

Over afval en afvalligen gesproken: in een regionale krant las ik, misschien wel in verband met het bovenstaande: “Het nieuwe afvalbeleid van de gemeente loopt hier  volgens mevrouw V. de spuigaten uit. Zij heeft net een blik door het raam geworpen en ziet het keukenafval door haar tuin dwarrelen”.
Zo zie je maar: met het werpen van blikken kan je niet voorzichtig genoeg zijn.

Tot slot nog enige courante koppen:
- Tafeltennissters komen net tekort
- Onvindbaar werk van Johanna Kruit gebundeld
- Politie ranselt minderjarigen voor informant
- Smalle riem voor dames met metalen ogen

maandag 12 maart 2012

Succes ermee…

Nog niet zo lang geleden zal tijdens de nascholingscursussen voor winkelpersoneel de nodige aandacht zijn besteed aan het onderdeel “klantvriendelijkheid”. En terecht natuurlijk, want je kan als consument niet genoeg als koning worden beschouwd  en in de watten worden gelegd. Vandaar dus, dat de klant tegenwoordig bij vrijwel iedere aankoop na betaling aan de kassa te horen krijgt: “Succes ermee” of ook wel de variant “Veel plezier ermee”. Te pas, maar ook te onpas. Want wat moet ik er nou van denken, als ik bij de aankoop van een brood van de caissière te horen krijg: “Succes ermee”? Het zou natuurlijk kunnen, dat de kassajuffrouw kort voordien nog in een sexshop had gewerkt en zich na haar aanstelling bij de brood- en banketbakkerszaak nog niet zo gauw bewust was, dat “succes ermee” of woorden van gelijke strekking niet meer zo relevant zijn.

Soms meen ik in de woorden “succes ermee” of “veel plezier ermee” wel eens een ironische ondertoon te bespeuren. Toen ik onlangs bij een doe-het-zelf-zaak een bouwpakket voor een nogal gecompliceerde kast kocht, zei de laatste schakel in de keten van het winkelpersoneel ook “Succes ermee”, maar op een toon, alsof er ernstig aan mijn vaardigheden werd getwijfeld en men er bijna hardop bij dacht: “Zie dat ding maar eens in elkaar te krijgen”.
Alsof mijn ambachtelijk onvermogen van mijn gezicht viel af te lezen.

Laatst stond ik in een groentezaak achter een vrouw, die nog net voor sluitingstijd een komkommer had gekocht. Je zal er zo vlak voor het eten maar om verlegen zitten. Toen ze bij de groenteboerenknecht had afgerekend, kreeg ook zij te horen: “Veel plezier ermee”.
“Bemoei je er niet mee, snotaap. Dat maak ik zelf wel uit”, snauwde ze terug.
Zo zie je maar hoe goed bedoelde klantvriendelijkheid gemakkelijk kan ontaarden in ongewenste bemoeizucht.

* * * * *

Nog wat taal-curiositeiten:
”Hoor eens”, zei de man tegen de dove, “als je niet naar me luistert, hóór je hier niet”.

Twitter-bericht:
”Lieve M8eld, ik sta al vanaf 1/2 4 bij de N8w8 op je te w88. Tis maar dat je 2t. XXX 3s”.

Tijdens de rellen gooiden de studenten Slavische Talen met Molotov-cocktails en de studenten Nederlands met medeklinkers naar de politie.

* * * * *

Liefde maakt blind
De volgende geschiedenis speelde zich af op een fruitschaal in Appelscha en laat zien, hoe meedogen- en tevens vruchteloos de liefde soms kan zijn.

Tussen Jonathan en Bellefleur,
Heerste rozenschijn en manegeur,
Al zei zij – tot zijn grote schrik – een keer:
”Ik vind jou best een heel geschikte peer”.

Waarna hij natuurlijk nog wel een appeltje met haar te schillen had en er toen subtiel op heeft gewezen, dat zij geen appels met peren moest vergelijken.
Maar het mocht niet baten. Later is Bellefleur er toch met een peer, ene Gynt uit Noorwegen, vandoor gegaan en koos zij voor een gemengd huwelijk, al hield ze Jonathan nog altijd als een appeltje voor de dorst achter de hand. En kijkt ze ook nog wel eens steels naar hem.

dinsdag 6 maart 2012

Teek

Mijn fascinatie voor de teek (dat bloedzuigende monstertje) dateert al uit mijn middelbare schooltijd. Mijn toenmalige tekenleraar (Hans van Ingen; 1918-2006) op het Baarns Lyceum had een studie van dit diertje gemaakt en wist er uitermate boeiend over te vertellen. Al moet ik er eerlijkheidshalve wel bij zeggen, dat mijn interesse naderhand vooral op een taalkundig misverstand bleek te zijn gestoeld. Van Ingteeken vertelde, dat de teek eigenlijk een parasitaire mijt is, maar aangezien ik toen nog niet wist wat een mijt was en dus meid verstond en begreep, luisterde ik ademloos toe. En heb me toen waarschijnlijk een volkomen verkeerde voorstelling van het diertje gemaakt. Pas toen ik een paar jaar later met een leuke meid uit mijn klas een weekend doorbracht in een vakantiehuisje te Cadzand, zag ik voor het eerst van mijn leven een teek. Twee teken zelfs. Hoewel ze leven in het bos en in het gras, zaten er daar twee op de muur. Dat vond ik toen een teken aan de wand. Twee tekens dus eigenlijk.
Mijn tekenleraar van weleer is zich later in Rusland verder gaan verdiepen in de teek, is zich Ivan Ingen gaan noemen en is tenslotte gepromoveerd op het proefschrift “Omenclatuur” en tekenhoogleraar geworden.

Het zal ongeveer in diezelfde tijd zijn geweest, dat ik teken ben gaan verzamelen. Ik bewaarde ze uiteraard in een tekendoos en toen ik er drie had, ben ik ze – om ze uit elkaar te kunnen houden – ook namen gaan geven: Apo, Hypo en Carto, naar hun land van herkomst, waar ze op dit moment overigens niets meer waard zijn.
M’n vierde teek zal ik wel Disco hebben genoemd en de volgende kreeg gewoon de naam Vijf, door Paul Desmond later op muziek gezet en door het Dave Brubeck Quartet uiteindelijk beroemd geworden. Take Five dus, voor het geval u de draad kwijt bent.
Zelfs de door de teek veroorzaakte ziekte Lyme is op muziek gezet. U kent het ongetwijfeld: Lymelight (met light hier in dezelfde betekenis als bijvoorbeeld in Cola Light).

De teek heeft ook zijn naam verleend aan het alom bekende inteek-gesprek. En op de deur, waarachter een dergelijk gesprek plaats vindt, treft men vaak een bordje aan met de tekst: Niet storen s.v.p. Teek in gesprek.

In de categorie Verkeersborden en Verkeersteken (het woord verkeerstekens is dus fout, want Verkeersteken – zonder s erachter – is al meervoud) komt nog het stopteken voor, meestal als: Stop! Teken!

donderdag 23 februari 2012

Klacht

- Zeg Ger, nu ik je toch aan de telefoon heb… Ik heb klachten over je gehad.
- Over mij? Van wie dan? Vanwege de Wasknijper?
- Vanwege dat vieze mopje, waarmee je me laatst uit bed belde.

- Had ik láter moeten bellen?
- Je had dat mopje niet moeten vertellen…
-
Ik dacht, dat jij daar anders helemaal niet vies van was.
- Ben ik ook niet, maar….
- Ik begrijp het al. Je had het natuurlijk niet op je blog moeten zetten. En dan míj de schuld geven..! Ik vraag me trouwens tóch wel eens af, waarom je bepaalde dingen zo nodig moet publiceren.
- Welke dingen?
- Dat ga je zelf maar eens bedenken. Daar heb je nu alle tijd voor. Schrijf liever eens een leuk verhaal over de zus van mijn broer..
- Nou je het zegt: Hóór je nog wel eens wat van je broer?
- Van Fred?
- Je hébt maar één broer, voor zover ik weet.
- Hij zit ergens in de bergen. Ik geloof in Noorwegen, maar het kan ook wel Zuid-Frankrijk zijn. Laatst liet hij in een smsje weten, dat hij bijna klaar is.
-Klaar? Waarmee?-
- Met z’n boek, denk ik.
- Over boeken gesproken… Ik ben aan het opruimen…
- Alweer?
- … en kwam nog een Almanak voor de Watersport uit 1998 tegen. Heb jij daar nog wat aan?
- Nee pap, laat maar zitten.
- Zat nog een leuk gedichtje in. Ik weet niet eens meer of ik het zelf heb geschreven of van iemand heb overgeschreven:
Een jonge vrouw uit Nederhemert,
Laat dagelijks, zodra het schemert,
Poedelnaakt haar windhond uit,
Tot zij er op een verzetje stuit.
-
Wat is daar zo leuk aan?
- Die laatste regel en dan in het bijzonder het woord “verzetje”. Verzet betekent weerstand, tegenstand. En je zou je kunnen voorstellen, dat die vrouw inderdaad enige weerstand in de buurt oproept. Maar het verkleinwoord “verzetje” betekent heel wat anders. Enfin, dat hoef ik jou niet uit te leggen. De lezer mag kiezen, welk verzet(je) hij of zij verkiest. Leuk toch?
- Ach….. En ik zou het gedichtje ook maar niet op je blog zetten. Waar ga je het de volgende keer over hebben?
- Over Lombroso, denk ik. En Lombroso-typen. Wel een beetje gevoelig onderwerp…
- Maar daar draai jij je hand niet voor om.