Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


donderdag 10 maart 2011

Rookgordijn

Kate Moss
Voor wie een ochtendblad leest, kan de dag eigenlijk nooit vrolijk beginnen. Alle ellende in de wereld krijg je meteen al tijdens het ontbijt op de voorpagina opgediend en voorgeschoteld.

Vanmorgen trof ik Kate aan temidden van rookpluimen in Libië, met behalve haar eigen mooie kop ook de krantenkop "Kate komt in rook op". Dat zal ongetwijfeld een contaminatie zijn, zeker als je ziet, welk nieuws haar omringt. Had natuurlijk moeten zijn: "Kate komt in rook om" of "Kate gaat in rook op". 
Even kijken om welke Kate ("Kiss me Kate" misschien?) het eigenlijk gaat... Nee, niet over de Kate van Cole Porter, maar over Kate Moss, vermoedelijk de dochter van Stirling Moss. Ze ziet er in ieder geval "snel" uit. Verder lees ik in het bijschrift alleen maar dingen, waar ik niets van begrijp, zoals "zoenend  met een transgender op de cover". Dus tóch een soort Kiss me Kate. Nou, geef mij die oer-Hollandse Keetje maar. Keetje Stippel, een creatie van Kees Stip.


Over rookgordijn gesproken: vanmorgen ontving ik een mailtje van een zekere G. van D. te L. Hij vond mijn gedichtje over het ouder worden zo herkenbaar en vroeg, of ik zijn poëtische visie op hetzelfde verschijnsel zou willen publiceren, ook al is het dan wat vrijmoediger van toon en ongeschikt voor lezers onder de tien jaar. Hier volgt zijn Overdenking:


Mijn fiere minnewapen,
Ligt al lang op apegapen,
Ook al ben ik heel tevree
Over wat ik er mee dée.


Maar na een aantal jaren,
Komt men tot bedaren,
Wijkt de lust voor de moraal,
Of wordt het te vermoeiend allemaal.


Totdat je denkt: hoezo?
Niks mis nog met mijn libido!
En je met een imponerende conduitestaat,
Voorzichtig en omslachtig op herhaling gaat.


Moraal van dit gedicht:
Wie voor het tal der jaren zwicht,
En denkt, niet veel meer te beleven,
Heeft zichtzelf af- en ten dode opgeschreven.


Een duidelijke aansporing dus van de heer G.van D. om niet bij de pakken neer te zitten, maar de handen uit de mouwen te steken. Want dood gaan kan je altijd nog...
Tenslotte nóg een rookoffer, nu van eigen makelij:


Hier zou Henk ter Horst hebben gelegen,
Als hij zijn zin maar had gekregen.
Doch omdat hij van heel Beek en Donk
Het meest naar knoflook en jenever stonk,
Kreeg een milieugroep het gedaan,
Dat hij snel in rook is opgegaan.

woensdag 9 maart 2011

Ouder

Het is eigenlijk begonnen bij de invoering van de  zorgtoeslag: het besef, dat een mens zorgbehoevend begint te worden, dus oud en gebrekkig wordt en maatschappelijk zo ongeveer is afgeschreven. Zo zal het misschien niet bedoeld zijn en daarom vind ik het woord ook volstrekt verkeerd gekozen. Het roept toch associaties op met het ouder en hulpbehoevend worden. Dat een mens aan de verkeerde kant van de zestig belandt en mij bovendien bij herhaling te verstaan wordt gegeven, dat ik nooit zo oud zal worden als ik eruit zie, is al erg genoeg. Daar hoeft een zorgtoeslag nog niet een schepje bovenop te doen.
Hopenlijk ver voor er bij mij van alles begint te piepen en te kraken, scharnieren en andere vitale delen niet meer funktioneren en allerlei onderdelen aan vervanging toe zijn, heb ik mij al eens afgevraagd, wat mij zoal te wachten zou kunnen staan:


Ik vrees het spookbeeld van de ouderdom,
Het niet meer funktioneren van scharnieren,
De vele rare vlekken, die je huid ontsieren.
En je rug en benen worden ook nog krom.


Je bent je blaas niet immer meer de baas,
Je raakt heel ongelegen uit je evenwicht.
Voor je ogen komt een hinderlijke waas,
En in je voet de eerste vorm van jicht.


Ik zet het dus behoedzaam op een drinken,
En laat dan om mijn lever maar een traan,
Als de vrees voor't oud zijn maar wil slinken,
Dan voel ík me al tevree en zelfs voldaan.


Zo'n vaart loopt het gelukkig nog niet, maar die zorgtoeslag heeft me dus wel aan het denken gezet over de ouderdom. Vooral in taalkundig opzicht. Waar zou dat woord vandaan komen?


15.00 uur
Ik moet nu even naar het gemeentehuis om alvast een scootmobiel te reserveren, maar ga straks hier weer verder.


16.00 uur
Zo, dat is gebeurd. Mooi model uitgezocht met laptophouder en ingebouwde koelkast. Ik kom uit een familie van garagehouders, dus het opvoeren van het voertuig zal straks geen probleem zijn. Want ik wil andere gemobiliseerde veteranen toch wel graag vóór blijven.


We mogen gevoeglijk aannemen, dat het woordje dom in het woord ouderdom de betekenis heeft van kerk. Een kerk voor ouderen dus, waarvan er in Nederland twee zijn: één aan de Amstel en de andere Ouderkerk staat aan de Hollandse IJssel. Waar de Ouderdom staat is mij helaas niet bekend.
Wenst men het woordje ouder te verstaan als deel van een gezin (ouderpaar), dan is ook daar niets op tegen. Want als bestanddeel van de ouderkerk hebben we inderdaad de moederkerk. De vaderkerk is in de loop der eeuwen uit ons gezichtsveld en woordenboeken verdwenen.
Beschouwt men het woordje dom in ouderdom als achtervoegsel, dan krijgt het de betekenis van verzameling, het geheel van..., zoals in ´t Amsterdamsch Hoerdom, behelzende de listen en streeken, daar zich de Hoeren en Hoere- Waardinnen van dienen; benevens der zelver maniere van leeven, dwaaze bygelovigheden, en in 't algemeen alles 'tgeen by dese Juffers in gebruik is, zoals de titel van dit even vermakelijke als instructieve werk uit 1681 volledig luidt. Dán krijgt het woord ouderdom dus de betekenis van "een verzameling ouderen", of "het totaal van alle ouderen", naar analogie van bijvoorbeeld het Christendom. U weet zelf ongetwijfeld ook nog wel een aantal -dommen te bedenken. Tenzij u dit alles niets kan ver-. Dán kunt u zich beter van de domme houden. Maar we kunnen met de ouderdom dus alle kanten op, zelfs de goede. En dat geeft hoop, die weer doet leven.

maandag 7 maart 2011

Rosenmontag

Zo, ik heb het er deze Rosenmontag weer zonder kleerscheuren afgebracht. Dat is wel eens anders geweest. Vele jaren geleden ben ik op deze dag niets vermoedend en ook van niets wetend bij toeval in de handen van enige Duitse vrouwen gevallen. Op zich hoeft dat geen onplezierige ervaring te zijn, maar op Rosenmontag heeft de vrouw het bij onze oosterburen kennelijk voor het zeggen.  Een heel verschil met ons land, waar zulks iedere dag het geval lijkt, maar dit even terzijde. 


Ik werd - kennelijk conform het folkloristische gebruik - van enig textiel beroofd, zij het, dat dat beperkt bleef tot een deel van mijn stropdas. Later trof ik meer mannen met afgeknipte stropdassen aan. Dit gebruik schijnt trouwens geheel in onbruik te zijn geraakt, omdat vrijwel niemand meer een stropdas draagt. Wat er tegenwoordig wordt afgeknipt weet ik niet. Ik heb ook geen kaas gegeten van carnaval, al laat ik het me wel eens te gemakkelijk van het brood eten. En volgens een Zuid-Nederlandse zegsvrouwe moet een noorderling zich ook helemaal niet met carnaval bemoeien. Die vrouw zij geloofd en geprezen.


De vrouw zij geloofd en geprezen..... Ook al is de vrouw niet het enige wezen, op wie deze aanbeveling van toepassing wordt geacht. Maar - zoals ik mij al eerder afvroeg - is geloofd nu het voltooid deelwoord van loven of van geloven?  Ik heb daar tijdens slapeloze nachtelijke uren nog eens over nagedacht en ben tot de conclusie gekomen, dat hier alleen maar het voltooid deelwoord van geloven kan zijn bedoeld. Zo niet, dan zou er - geheel onnodig en overbodig - twee keer hetzelfde worden gezegd. Want loven en prijzen zijn synoniemen.
Er doet zich evenwel nóg een probleem voor. Volgens taalkundigen zijn de sterke werkwoorden langzaam maar zeker aan het verdwijnen. Dat zou kunnen betekenen, dat voor "geprezen" eigenlijk "geprijsd" moet worden gelezen. Inderdaad: zelfs een vrouw heeft haar prijs, al wordt zij vaak voor onbetaalbaar gehouden. En hoe moet ik het andere wezen nog (ge)loven en prijzen als ik zie wat er allemaal in Libië en omstreken gebeurt? 



De boer op

Uit betrouwbare bron heb ik vernomen, dat het populaire tv-programma "Boer zoekt vrouw" over vijf jaar wordt voortgezet, zij het onder een andere titel: "Boer zoekt man voor vrouw". Waarom over vijf jaar, zult u zich misschien afvragen. Omdat recent wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond, dat er een verrassende parallel blijkt te bestaan tussen de duur van huwelijken en van arbeidsverhoudingen (de voetbalsport uitgezonderd). 


Was het vroeger geen zeldzaamheid, dat men dertig of veertig jaar voor één baas werkte, thans houdt men het niet veel langer meer dan vijf jaar bij één werkgever uit. Bij huwelijken schijnt dat niet anders te zijn, al gaat het nog te ver om huwelijken daarom maar op één lijn met arbeidsverhoudingen te stellen. Ofschoon de verleiding soms wel erg groot is. Er schijnt een ambtenaar van de burgerlijke stand te zijn geweest, die zijn tijd ver vooruit was (op zich een contradictio in terminis) en jongelui, die hem kenbaar maakten, te willen trouwen, conform de statistieken vroeg: "Zou u dat nou wel doen, voor die vijf jaar?"
De vraag bleek zo gek en onterecht nog niet, maar de ambtenaar werd wel ontslagen.
Doch tv-makers zien wél brood in dat gegeven. Als geforceerd tot stand gebrachte relaties al rond vijf miljoen toeschouwers trekken, hoeveel zullen er straks dan wel niet geïnteresseerd zijn in de emoties van het weer uit elkaar gaan? Dus al die boeren, die de afgelopen jaren een vrouw gevonden hebben, ziet u straks weer terug. En kunnen de vrouwen opnieuw de boer op. Figuurlijk wel te verstaan. Om een nieuwe uitdaging te vinden.
Nergens is zo veel geld aan te verdienen als aan menselijk lief en leed.

zondag 6 maart 2011

Nazorg

Nu nog lang niet iedereen is uitgehost,
Ga ik nog even verder met de post,
Voor zover ik mij althans durf wagen,
Aan soms wel héél impertinente vragen.

Maar een antwoord op de vraag, waarom ik toch altijd praat over mijn dochter en niet over onze dochter (want de bereiding geschiedt toch immers altijd door twee mensen) durf ik hier nog wel aan. Zonder hier verder in particuliere en genetische details te treden, kan ik de vragensteller naar eer en geweten mededelen, dat er tenminste vier legitieme redenen zijn om van mijn dochter te spreken. Zonder daarbij iemand te kort te doen. Drie kunt u er zelf zo bedenken en de vierde ís het.

Als je wat wilt zeggen, dan moet dat beter zijn dan wanneer je gezwegen zou hebben. Met die wijsheid steeds in het achterhoofd heb ik u hier waarschijnlijk al heel wat onzin bespaard. Maar al zult u er niet wakker van liggen, ik moet u nu toch even melden, dat ik Kees nooit eerder had gezien, maar vanmiddag voor de derde keer binnen een week tegenkwam. Nu op een zonnig terrasje, waar het uit de wind aangenaam toeven was.
- En Kees, tevreden met de uitslag van de verkiezingen?
- Ach, tien procent van de stemmen... Ik had iets meer verwacht, maar dit is ook mooi. Alleen even niet meer on speaking terms met mijn buurman..
- Slechte verliezer?
- Dat ook. En altijd maar schelden en inhakken op de PVV. Vanmorgen was ik het zat. Ik zeg tegen hem: "Karel, je hebt eigenlijk groot gelijk. Zijn al die PVV-stemmers nu helemaal hartstikke gek geworden om openlijk te laten blijken wat ze denken.... Dat doen ze maar in een democratie, maar niet hier. Wat jij, Karel?" Nou man, je had hem moeten zien kijken. Hij wist eigenlijk niet goed raad met wat ik gezegd had en droop af als een geslagen hond. O zo. Wil je iets van me drinken?
- Kees, je moet maar zo denken: slechte politici worden gekozen door mensen, die niet naar de stembus gaan...
- Daar moet ik even over nadenken....
Er passeerde een stel motorrijders met een minimum aan kledij en hoofdhaar en een maximum aan glimmend chroom op hun voertuigen. Het tafereel deed me denken aan iets, wat ik jaren geleden meemaakte:

Ooit kwam ik in een bar in Neerlands hoge noorden,
Waar je door de bank alleen maar knauwen hoorde,
Een groepje mannen tegen, al een beetje doorgezakt,
En heel druk pratend, zij het wel ietwat bekakt,
Die mij lieten weten, tot de Hell's Angels te behoren,
Ook al hadden zij geen tatoes en geen ringen in hun oren.
Maar even later brak bij mij ineens het inzicht baan,
Dat het om artsen en Health Angels bleek te gaan.

Want ook engelen heb je kennelijk in soorten.
- Oh ja Kees, ik moet je nog de groeten doen van mijn dochter.
- En wie mag je dochter dan wel wezen?
- Gerda.
- Gerda?? Is Gerda jouw dochter?
- Ja, als je het niet erg vindt...
- Nee, erg niet, maar je mag wel eens wat beter op haar letten....

zaterdag 5 maart 2011

Post

Nu iedereen de feestneus heeft opgezet en zich in het carnavalsgewoel heeft gestort, heb ik dit weekend mooi de gelegenheid om wat post te beantwoorden. Nogal wat lezers willen méér weten over die "Wasknijper". Sommigen vermoeden, dat achter deze onschuldige naam wellicht een criminele organisatie schuil gaat, terwijl anderen er de naam van een cursus of workshop voor minder begaafde huisvrouwen in zien. Hoewel ik mijn dochter beloofd heb, over de "Wasknijper" geen verdere mededelingen te doen, moet mij hier toch even van het hart, dat Gerda van een onberispelijke kom-af is en geen enkele reden heeft om haar heil of vertier bij een criminele organisatie te zoeken.
Eén van de lezers had al wel begrepen, dat hij van mij geen nadere mededelingen over die club hoefde te verwachten, maar vond, dat ik er dan ook niet over had moeten beginnen. Dus mijn dochter vanmorgen maar even gebeld, om te horen of ik wellicht een tipje van de sluier mocht oplichten.
- Geen sprake van. Je licht al genoeg op. Er is ook een wethouder lid.  Stel je voor, dat die op jouw weblog leest... Ik moet er niet aan denken.
- Nú zijn er mensen, die denken, dat het om een criminele organisatie gaat.
- Laat maar rustig denken... Soms is het wel eens prettig als de mensen geloven wat je allemaal schrijft. En sinds wanneer ga jij naar "Slok-op"?
- Wat is daar mis mee?
- Oh niks. Maar sinds dat café van eigenaar is veranderd, heeft het niet zo'n goede reputatie meer. Thuishonk van nogal wat van die Truus-achtige figuren, zal ik maar zeggen.
- Je bent aardig op de hoogte....
- Maar dat stukje "vrouw" vond ik wel aardig, als je tenminste meent, wat je schreef. Want bij jou weet je het maar nooit. En als je nog eens in die kroeg komt, doe dan de groeten aan Kees.
- Waar ken je díe nou weer van? Toch niet van de "Wasknijper"?
- Nee hoor, daar mag hij helemaal niet komen. Nog een tip: maak de links naar andere sites eens wat duidelijker. Ze zijn nauwelijks te zien. Andere kleur of gewoon: Klik hier.
- De vrouw zij geloofd en geprezen....
- Wat zei je? 
- Dat ik weer even verder ga met het beantwoorden van de post.
- Wordt er dan zoveel op je stukjes gereageerd?
- Ik mag niet klagen.
- Wat gek. Op mijn weblog reageert nooit iemand, op een man uit Brazilië na, maar daar heb ik niet zo veel aan.
- Verschil moet er zijn. Misschien moet je je weblog wat aantrekkelijker maken..... Met wat leuke verhaaltjes bijvoorbeeld....
-------
De vrouw zij geloofd en geprezen. Lastig hoor, die Nederlandse taal. Want geloofd is zowel het voltooid deelwoord van loven als van geloven.  En welk van de twee wordt hier nu bedoeld? Er is tenslotte een wereld van verschil tussen loven en geloven. Ach, u mag dat ook zelf bepalen. Doorhalen dus, wat niet van toepassing wordt geacht.

vrijdag 4 maart 2011

(Ge)wild

Vrouwen liggen op dit moment goed in de markt. Het woordje "liggen" bevalt me in dit verband weliswaar niet zo erg, maar de uitdrukking wil het nu eenmaal zo, dus leg ik me er maar bij neer. Al neem ik aan, dat staande vrouwen even goed in de markt liggen. Feit is, dat momenteel overal vrouwen worden gezocht. De boeren gaan voorop. Wekelijks gaat zowat de complete agrarische wereld op zoek naar een vrouw, terwijl het niet-agrarische deel van de bevolking gespannen toekijkt. In ieder mens schuilt toch wel iets van een voyeur. Ik geloof, dat het Levi Weemoedt was, die al dichtte:


Hij loerde door het gaatje van de deur
En stond toen oog in oog met een voyeur.


Maar niet alleen boeren zijn op zoek. Dinsdag las ik in de krant: "Helikopter zoekt vrouw". De reden was wel een volstrekt andere, maar toch. En in een iets meer dan 400 zielen tellende buurtschap onder Loppersum is de leiding van een zieltogend schooltje een (You Tube-)actie begonnen onder de titel "School zoekt vrouw". Blijkens de toelichting met de uitdrukkelijke bedoeling om via het mannenoverschot ter plaatse het aantal leerlingen van het schooltje weer zo snel mogelijk op het wettelijk vereiste minimum te brengen, en aldus de school voor sluiting te behoeden. 'De vrouw als voorbehoedsmiddel', zou je bijna denken. In dit geval ligt de vrouw dus letterlijk, en tevens aan de basis van het beoogde succes. Dat zal trouwens in het geval van de boeren uiteindelijk niet veel anders zijn. Maar het mag in ieder geval tot voldoening stemmen, dat de vrouw de wind mee én in de zeilen heeft. De vrouw blaast dus haar partijtje mee in het maatschappelijk leven. Sterker nog: De man danst naar de/het* pijpen van de vrouw.


* Wetende, dat er lezers zijn, die mij niet (altijd) serieus nemen en mij bovendien vaak (ten onrechte) van dubbelzinnigheden verdenken, zij hier opgemerkt en vervolgens wetenschappelijk gestaafd, dat zowel "De man danst naar de pijpen van de vrouw" als "De man danst naar het pijpen van de vrouw" correct Nederlands is en bovendien hetzelfde betekent. Zelfs als het woordje naar zou worden vervangen door tijdens
De ongelovige Thomas onder u overtuige zichzelve. Hier komt u alles te weten over het eeuwenoude fluitspelen en de invloed, die daarvan kan uitgaan.