Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


woensdag 6 juli 2011

Putters

Je hoeft geen ornitholoog te wezen om vogelliefhebber te zijn. Mijn buurman is bijvoorbeeld zo'n vogelliefhebber en sinds ik hem ken heeft hij al heel wat af- en uitgevogeld. Toegegeven: hij is zelf ook een wat vreemde vogel, maar hij heeft toch maar mooi ontdekt, dat de vink de enige vogelsoort is, waarbinnen op uitgebreide schaal blindheid voorkomt. Misschien een wetenschappelijke toevalstreffer, maar toch....
Tot de familie der Vinken behoort ook de putter, en daarvan tref je in de natuur, zoals van elke diersoort, mannetjes en vrouwtjes aan. De mannetjesputter heeft echter de meeste bekendheid gekregen, omdat dat ook een vrouwtje kan zijn. Zeg maar rustig: vrouw. Hoe dat biologisch nou precies zit, weet ik ook niet, maar taalkundig schijnt dat te kunnen. Nu dacht ik, bij het WK voetbal voor vrouwen wel een aantal mannetjesputters bij elkaar te zullen zien, maar niks hoor. Voor het merendeel allemaal frêle vrouwtjes. Als je een mannelijke voetballer zou willen vergelijken met een fregat, dan heeft zijn vrouwelijke collega meer weg van een platbodem.

 
Om de balvaardigheid van de vrouwen een beetje te kunnen volgen, ben ik voornamelijk op de Duitse televisie aangewezen en dan is het even wennen, om het dameselftal met Mannschaft aangesproken te horen worden. Nóg gekker wordt het, als u weet, dat Mannschaft ook nog vrouwelijk is. Kortom: niks vrouwelijks is een man vreemd. En omgekeerd. En ook bij onze oosterburen ontbreekt dus iedere logica in de taal. Maar mij ging het dit keer eigenlijk meer om het vaststellen van eventuele verschillen tussen het mannen- en het vrouwenvoetbal. En dat begint al bij de gezangen, die van de tribunes op de actrices neerdalen. Geen Hi ha hondevoer (of iets dergelijks), maar Oh, was bist du schön. Feministen zijn daar eigenlijk niet blij mee en willen ons doen geloven dat er wordt gezongen Oh, was ist es schön, maar ik lees heel aardig lip en heb gisteravond tijdens de wedstrijd Frankrijk-Duitsland overduidelijk kunnen vaststellen, dat er echt Oh, was bist du schön wordt gezongen. Een beetje denigrerend, dat wel en - zou je denken - een blijk van het feit, dat het damesvoetbal nog niet al te serieus wordt genomen. Doch de tribunes waren goed gevuld (in tegenstelling tot de shirtjes van de meeste speelsters; dus had ik nóg niks aan mijn 3D-tv).

Bij regenachtig weer wil het nog wel eens voorkomen, dat een speler van het mannelijke soort de bal onder zijn shirtje verbergt, niet om er stiekem mee naar huis te gaan, maar om de bal af te drogen, opdat hij niet bij een ingooi onverhoeds uit zijn handen glipt. Iets dergelijks heb ik bij de vrouwen, hoewel plaats genoeg , nog niet gezien. En evenmin, dat een doelpuntenmaakster als blijk van vreugde haar shirtje uittrekt en met een gul gebaar in het publiek werpt. Maar het tournooi is nog niet ten einde...



zondag 3 juli 2011

Toer

De taal is er om communi mee te ceren,
Of om met jargon wat jong te leren,
Maar mijn woordenschat wordt aardig aangevuld,
Met wat door Dijkstra en Ducrot wordt afge-kletst.


U begrijpt het al: voor mij is in taalkundig opzicht een heerlijke tijd aangebroken, want de Tour de France is weer van start gegaan. En het duo Maarten Ducrot en Herbert Dijkstra zorgt niet alleen voor een deskundig en gedetailleerd commentaar en laat zich niet zelden tot nog nooit uitgekomen prognoses verleiden, maar verrijkt ook de taal. De eerste dag was het al meteen raak. Het startschot had nog maar nauwelijks geklonken, of Maarten wist al te melden, dat één van de ruim 200 renners "heel veel moeite had gehad om zijn benen terug te vinden".  Ik ben ook wel eens iets kwijt, maar dit is me tot op heden nog niet overkomen. Afkloppen.

Joop Zoetemelk
- BBC-pionier - 
Maar zo af en toe ontglipt hem - tussen een complete ploeg, die op z'n kokosnoot lag, door - een aforisme van niet geringe importantie. Want wat te zeggen van : "Alles is perceptie"? Het had van Schopenhauer kunnen zijn. Of Kant (Immanuel, geen Brugs).
Maar laten we eerlijk zijn: het valt ook niet mee om uren achtereen vanuit een weinig comfortabele positie zinnige dingen te zeggen over een volstrekt onzinnige gebeurtenis. Dat is een hele toer. De dagelijkse huisvesting van de honderden Tour-verslaggevers heeft nog het meeste weg van een legbatterij. Al kunnen de journalisten, die zich (volkomen terecht) vaak als (pluim)vee behandeld voelen, er nog wel hun ei kwijt.
Het was de commentatoren ook opgevallen, dat zich onder de renners een vegetariër bevond (voor de liefhebbers: de Amerikaan Zabrinskie). Dat kon toch niet? Zonder vlees geen presentatie. Joop Zoetemelk had altijd een stuk vlees bij zich en wel een biefstuk. Hij zát erop. Welk doel dat diende, weet ik niet precies. Volgens sommigen voorkwam hij daarmee zadelpijn, maar volgens mij was dit de voorloper van de mobiele barbecue. Al moet ik zeggen, dat ik hem nooit een biefstuk heb zien éten. Maar op zijn biefstuk zat hij kennelijk op rozen.


Fred Rutten
- artistiek beleid - 
 Zelf ben ik trouwens ook vegetarier en zat laatst met een behoorlijk probleem in mijn maag, toen ik vlinders in mijn buik had.


Over naar een andere tak van sport, die velen bezig houdt: voetbal. Uit betrouwbare bron heb ik vernoemen, dat Fred Rutten (de oudste broer van de premier; Fred heeft sinds kort een n aan zijn naam toegevoegd omdat hij niet steeds aan die familieband herinnerd wil worden) is met zijn gloeilampenclub op de artistieke toer gegaan. Misschien wel uit protest tegen het kunstbarbarisme bevorderende beleid van zijn broer en consorten heeft hij een pianist als vleugelspeler gecontracteerd.


Al gehoord, dat politiek Den Haag meer Nederlandse muziek op Radio 2 wil? De eerste stap op weg naar een staatsomroep. PvdA en CDA schijnen al een compromis bereikt te hebben over een gemeenschappelijk strijdlied: "Voortwaarts Christenstrijders". Jammer eigenlijk, dat er toch nog één verschil is tussen een trolleybus en een politicus: een trolleybus stopt, als hij de draad kwijt is.

woensdag 29 juni 2011

Niet Storen

De NS is volgens mij het spoor volledig bijster. En als vervoerder wel zo ongeveer uitgerangeerd. Kort geleden liet de NS mij bij de nadering van een paar onweersbuien uiterst klantvriendelijk weten, dat als ik zeker wilde zijn van mijn treinverbinding, ik het best maar even op hun website kon kijken of er geen kink in de kabel was gekomen. Maar de site bleek onbereikbaar, overbelast of gewoon weg. Kortom: de hele NS spoorloos.

In de herfst hoef je sowieso al niet per trein te reizen, want dan liggen er bladeren op de rails en komt een trein, die in Amsterdam had moeten stoppen, pas in Halfweg tot stilstand. En dat is dus nog maar halverwege.
In de winter dreigen er nog meer gevaren: ijzel, sneeuw, vorst en andere met het jaargetijde verbonden weersomstandigheden leggen dan meestal het totale treinverkeer lam. Mij is een geval bekend, dat twee vrouwen (die van elkaar houen) noodgedwongen met een auto naar een begrafenis moesten, vlak naast een station. En dan mag je hopen, dat de potten geen panne krijgen. Bij mij kan de NS in ieder geval geen pot meer breken. De pot op met de NS. Potverdorie.

Wie trouwens in de zomer per trein wil reizen, komt ook niet ver. Als het te warm is, zetten de rails onopvangbaar uit, zodat de spoorstaven verbuigen en het voor de machinist uiterst moeilijk wordt om het rechte spoor te houden. En als het warm is geweest, veroorzaken onweersbuien bomen op de spoorbaan,  en na blikseminslag allerlei storingen, waardoor het treinverkeer niet meer in goede banen kan worden geleid en de NS zelfs moet overwegen om overwegen af te sluiten. Met andere woorden: NS - Niet Storen.


Is het u trouwens wel eens opgevallen, dat steeds meer groente en fruit gaat smaken naar de insecticiden, waarmee het is bespoten? Zelfs honing heeft tegenwoordig een bijsmaak.

donderdag 23 juni 2011

Een klerenzooitje

Al is het nog zo koud, de Naturisten Federatie Nederland draag ik altijd een warm hart toe. Ik kan mijn teleurstelling dan ook nauwelijks onder woorden brengen, toen ik hedenmorgen las, dat het voor komende zondag geplande naaktfestival wegens gebrek aan belangstelling geen doorgang zal vinden.

Uitgerekend in het jaar, dat men precies een halve eeuw deze weinig om het lijf hebbende bezigheid in georganiseerd verband beoefent. En dat, terwijl het aantal leden groeit en men er alles aan doet om het lid-maatschap zo aantrekkelijk mogelijk te maken.

Jammer, want nu gaan dus ook de workshops vlotbouwen, waterkatapultschieten en salsadansen, die op het programma stonden, niet door. En uit betrouwbare bron heb ik vernomen, dat er daarnaast ook nog wedstrijden zaklopen, paalklimmen, touwtrekken en evenwichtsbalk zouden worden gehouden. Evenementen, die bij de visuele media altijd veel aftrek vonden, maar nu dus ook helaas niet doorgaan. De Federatie-directeur heeft te kennen gegeven, dat hij zich door menig lid in zijn hemd voelt gezet, wat natuurlijk het ergste is, wat een zichzelf respecterend nudist kan overkomen. Je zou dus kunnen zeggen, dat de nudisten er een klerenzooitje van hebben gemaakt. Ook de naakte waarheid kan soms hard zijn.

Meteen mijn dochter maar even gebeld om te horen, of zij misschien ook tot de gedupeerden behoort. Want welke moderne vader weet nog, wat zijn kinderen doen?

- Met je vader. Nog steeds op vakantie in Zalk?
- Balk.... B A L L U K.
- Dat is toch een Duitse voetballer?
- Nee pap dat is Ballak.  Je hebt de klok weer eens horen luiden....
- Over klepels gesproken... goed dat je er over begint... ben jij toevallig lid van de Naturisten Federatie?
- Wat is dat nou voor een rare vraag? Waarom zou ik daarvan lid zijn? Je weet zelf als geen ander dat ik me niet graag bloot geef.
- Zal die vriend van je wel leuk vinden...
- Waar bel je nou eigenlijk voor?
- Om te zeggen, dat dat nudistenfestival niet door gaat.
- Dat heb ik gelezen, ja. Maar wat heb ik daarmee te maken?
- Niks kennelijk. Des te beter. Prettige vakantie nog met die Ballak en hou het in de hand, hè?

Zo. Een goed gesprek kan op z'n tijd nooit kwaad.

dinsdag 21 juni 2011

Herrgott

Het zal menigeen uwer tot voldoening stemmen, hier te mogen vernemen, dat ik een paar dagen geleden een ware pelgrimstocht heb ondernemen naar de Herrgott. Ik heb de tocht (met enkele honderden anderen) ook volbracht en onderweg werd mij enige malen duidelijk te verstaan gegeven: "Sie waren den Herrgott noch nie näher".



Volop gelegenheid om
 onderweg even bij te tanken

In iets ander perspectief komt mijn "goede daad" misschien helaas te staan, wanneer ik u eerlijkheidshalve er bij vermeld, dat de Herrgott een wijngebied is boven het nederige plaatsje Wintrich aan de Moezel en de Herrgott tevens de naam is van de aldaar geproduceerde wijn. Maar om het "Weingut" te bereiken, werden toch wel degelijk lichamelijke inspanningen van formaat gevraagd, al voerde de voettocht langs een goed begaanbaar "Weinlehrpfad". Onderweg werd om educatieve redenen regelmatig halt gehouden en kon tevens naar behoefte gratis worden bijgetankt. Een goddelijke wijn, die Herrgott en het zal u niet verbazen, dat het gezelschap, voorafgegaan door de plaatselijke fanfare, in opperbeste stemming het punt bereikte, waar men "den Herrgott noch nie näher war". Er werd zelfs een dansje gewaagd. En zegt u nou zelf, wat is er mooier, dan met Herrgott aan Bacchus te offeren?
Dit Weinblütenfest heeft de lokale overheid en gezamenlijke wijnboeren heel wat liters goddelijk vocht en geld gekost, maar wat wil men, als men als 1500 inwoners tellend plaatsje uitsluitend is aangewezen op de wijnbouw en het toerisme. Is er trouwens een betere combinatie denkbaar. En ik? Ik ben nader tot God gekomen. Sterker nog: ben weer in de Herrgott gaan geloven. Proost.

donderdag 16 juni 2011

Wende(n) en keren

Omdat mijn administratieve vaardigheden uitermate pover zijn en die van mijn dochter boven alle lof verheven, bestiert zij voor een veel groter deel dan mij lief is, een fractie van mijn bezigheden en vooral die van mijn zoon. Meer nog dan zijn zuster is zij zijn secretaresse. En dat is maar goed ook, want anders was er van die jongen weinig terechtgekomen. Nú viert hij tenminste nog enige stilistische triomfen.

Ik dacht even, mij aan haar ijzeren administratieve greep te kunnen ontworstelen, nu ik mij in den vreemde bevind, maar nee hoor. Bovendien: ik mag de landsgrens dan royaal zijn gepasseerd, in den vreemde voel ik mij hier geenszins, met zoveel landgenoten om mij heen.

- Hoi pap, gaat het goed met je?
- Slechte mensen gaat het altijd goed.
- Dat spijt me dan. Ik had liever gehoord, dat het je als goed mens even wat minder ging.
- Spits hoor!
- Je weet toch, dat je eind juni en begin juli een aantal afspraken hebt.
- En jij vergeet toch niet met die Vlaamse gaai op vakantie te gaan hè? Waar gingen jullie ook al weer heen? Zalk?
- Balk.
- Ook heel mooi. Maar Zalk vind ik eigenlijk veel mooierr. Dan kan je je tot het laatste moment nog afvragen: zal-ik of zal-ik niet?
- Ook heel spits! Maar vermaak je je nog een beetje?
- Een beetje ja. Ik zit hier midden in een Wende.
- In een wat?
- Wende
- Ik ben niet blond, maar toch een beetje dom. Leg eens uit.
- Hoe je het ook wendt of keert: Duitsers houden nu eenmaal van Wendes.
- Oh Wende... Zeg dat dan. In welke Wende zit je nu dan?
- In de energie-wende. Complete politieke partijen zijn er door van kleur verschoten. Heel interessant.
- Sinds wanneer interesseer jij je voor politiek?
- Sinds het België zo voor de wind gaat omdat het geen regering meer heeft. En het einde van de Griekse beschaving in zicht is. Ik hoop, dat ik dat nog mee mag maken.
- Doe je best. Goed eten en niet te veel drinken.

Hier zit trouwens weer een taalkundig addertje onder het gras. Het Duitse en ook Nederlandse wenden betekent draaien, (om)keren, wentelen. Mocht u dus als man in de gelukkige omstandigheid verkeren, dat een vrouw zich omdraait om u na te kijken, dan kunt u er gerust van uitgaan, met een wentelteefje te doen te hebben. Ze zijn uiterst zelfzaam en dienen goed geconserveerd te worden.

woensdag 15 juni 2011

Da's niet zo logisch, hè?

Een loodgieter te Zwammerdam,
Goot lood wanneer het hem gelegen kwam.
Maar die te Goor,
Die goot maar dóór.
Zo is uitvoerig en beschaafd,
Door het gietersgilde boekgestaafd.


Raar verhaal, ik geef het toe, maar ik kan het ook niet helpen. Trouwens: eerlijk gezegd heb ik ook nog nooit een loodgieter lood zien gieten. Wel een zetter in een zetterij, waar letters uit of in lood werden gegoten, maar ook die bezigheid behoort allang tot het verleden. De enige gieter, die ik nog ken, is de bloemengieter. En mijn buurman. Die is ook vaak als een gieter.


Laatst vroeg iemand mij, of je een voyeur, die aan zijn trekken komt, een tautologie zou kunnen noemen. Niet de voyeur zelf natuurlijk, maar de stijlfiguur. Er is een zeker tautologisch verband, maar er zijn duidelijker voorbeelden te bedenken. Een homofiel zou je bijvoorbeeld aan zijn trekken kunnen laten komen (hetgeen dan een echte tautologie oplevert), maar kan dan ook een lesbienne aan haar trekken komen? Ik heb zo mijn twijfels. Daar is veeleer sprake van een contradictio in terminis. Rare taal, dat Nederlands.
 Trouwens: we zitten hier ook weer met een taalkundig probleem. Het bijvoeglijk naamwoord van tautologie is tautologisch (al heb ik dat woord nog nooit horen gebruiken), van biologie is dat biologisch en van gynaecologie dus gynaecologisch. Dat klinkt allemaal vrij logisch. En hieruit valt de nog logischer conclusie te trekken, dat het bijvoeglijk naamwoord van logie dus logischerwijs logisch zou moeten zijn. Maar nee hoor. En hoe leg ik dat nou weer mijn Senegalese (andere) buurman uit, die zo zijn best doet om Nederlands te leren? Soms is het misschien ook maar beter, dat hij de Nederlandse taal niet begrijpt. De beste man, die de status van asielzoeker heeft, blijkt inmiddels verkering te hebben gekregen, zodat een ander niets vermoedend aan hem vroeg, of hij al voor zijn uitzet aan het sparen was.
Soms vraag je je inderdaad af, of deze aarde niet de hel is van een andere planeet. Het lijkt er vaak verdacht veel op.

De Nederlandse taal is niet alleen vaak onbegrijpelijk, maar zelfs wreed en meedogenloos.