Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


zaterdag 4 juni 2011

Jong geleerd...

Een lezeres uit Wadenoijen deelde mij onlangs mede, dat op suikerzakjes, die in een tehuis voor ongehuwde moeders in Drempt worden gebruikt, de volgende tekst staat afgedrukt.

Een jonge vrouw uit Genemuiden,
Had wel de klok eens horen luiden,
Maar wist niet waar de klepel hing,
Zodat niet alles naar behoren ging.

Tja, als het kalf verdronken is, dempt men ook in Drempt de put. Je zou ook kunnen zeggen, dat daar het paard achter de wagen wordt gespannen, nog vóór men er overheen is getild. Hoe zou het toch komen, dat het menselijk falen zo vaak via het gedrag van dieren wordt verwoord?
Ik belde de lezeres uit Wadenoijen om te vragen, of ik het gedichtje mocht publiceren.
- Natuurlijk. Anders zou ik het toch niet eens gestuurd hebben?
- Dat is zo.
- Als u mijn naam er maar niet bij zet. Want het is natuurlijk wel duidelijk, dat ik onlangs zelf ook in dat tehuis heb gezeten. Bijna allemaal campinggevallen.
- Ongevallen dus eigenlijk...
- Zo zou het ook kunnen noemen. Campings zijn broedplaatsen van criminaliteit en ongewenst ouderschap.
- Is het zo erg?
- Tuurlijk. Je ontmoet een leuke vent. Niks aan de hand. Maar dan maakt hij je het hof en leidt je vervolgens om de tuin. Eigen schuld en een tijdje later een dikke bult.
- En nu?
- Geen idee. Ik heb alleen zijn weinig voorkomende voornaam onthouden en die heb ik ook aan mijn zoon gegeven. Dat kan hem misschien later van pas komen, als hij over een jaar of dertig op zoek wil naar zijn roots en ik er waarschijnlijk niet meer ben.
- U bent toch niet .. eh ziek of zoiets?
- Nee hoor, maar wel 55.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen