Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


dinsdag 17 december 2013

Words, words, words…

Het woord selfie (een doorgaans met een smartphone gemaakt zelfportret) heeft het in Nederland tot woord van het jaar gebracht. En het klinkt internationaal genoeg om het ook in andere landen tot woord van het jaar te kunnen brengen. Hetgeen dan ook is gebeurd. In België en zelfs in Engeland.

“Send me a selfie”,
Zei de trainer van Chelsea,
And we shall see
What happens to be”.


Ja ja, die Mourinho spreekt al een aardig woordje Engels, zoals u ziet.

Op de tweede plaats eindigde het woord socialbesitas, hetgeen een overmatig en dwangmatig gebruik van sociale media betekent. Het woord doet me denken aan in dit geval een Turkse voetbalclub, maar verder heb ik er niets mee.
Op een eervolle (nou… eervolle…) derde plaats eindigde sletvrees, hetgeen – zoals het woord al doet vermoeden – betekent: vrees om voor slet te worden aangezien. Kennelijk leeft die vrees bij zóveel vrouwen, dat het woord sletvrees tot de drie populairste en meest-gebruikte woorden van dit moment kon doordringen. En dat geeft te denken. En op grond waarvan zou die vrees eigenlijk bestaan? Of ontstaan? Een zorgelijke zaak. En hoe zouden Chinese vrouwen in ons land met het begrip sletvrees omgaan?

Maar meer zorgen maak ik me over de vraag, wie de zorg voor de zorg nu eigenlijk een zorg zal zijn. Veel vertrouwen heb ik er niet in, want de discussies gaan alleen over de noodzakelijke bezuinigingen aan de ene kant en de werkgelegenheid in de zorgsector aan de andere. Degenen, voor wie de zorg bedoeld is, blijven helemaal buiten beeld.
Maar in Meppel heeft men daar iets op gevonden. Daar krijgt de clientèle van de voedselbank vuurwerk bij het eten, zodat ze volop mee kunnen doen met het in rook laten opgaan van veel geld. En dat in een tijd, dat het ons minder heet te gaan. Een béétje paradoxaal, dat wel.

In Meppel krijgt men bij de voedselbank,
Een doos met vuurwerk bij het eten,
Opdat ook hier de armen God ij dank,
Zich even met de rijken kunnen meten.


Maar zou men niet moeten bedenken,
Dat als het geld in rook is opgegaan,
Die goedbedoelde vluchtige geschenken,
De armen toch met lege handen laten staan?


En dan maar hopen, dat tussen het vuurwerk zich geen illegaal spul van Poolse herkomst bevindt, want anders is de rij mensen voor het loket van de polikliniek op 1 januari misschien wel groter dan voor dat van de voedselbank.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen