Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


maandag 11 april 2011

Opruiming

Hoe verzint een mens het om bij zulk fraai voorjaarsweer zijn werkplaats, studeerkamer, bibliotheek of laboratorium te gaan opruimen? Maar als een ander het voor me doet, vind ik zéker dingen nooit meer terug, dus daarom zelf toch maar even de hand aan de ploeg geslagen. En ploegen wás het, want als ik eenmaal bezig ga, is het méér dan alleen maar het gebruikelijke verplaatsen van de rommel of het anders samenstellen van stapeltjes. En al ploegend ontdek je ook nog eens wat: van oude dagboekfragmenten, die dingen uit je leven naar boven halen, die je al lang vergeten was of nu nauwelijks meer geloven kunt of wilt, tot een compleet muizennest achter een aantal weinig geraadpleegde boeken, overigens zonder levende have. Want een muis heb ik hier - behalve naast mijn toetsenbord - nog nooit gezien. Al valt er best het één en ander te knagen.
Zo kwam uit oude en al vergeelde aantekeningen weer naar boven, hoe ik eens tijdens de Frankfurter Buchmesse na een bezoek aan een te goeder naam en faam bekend staand etablissement uren heb lopen zoeken naar mijn auto, een verschijnsel, dat enkelen van u wellicht zullen herkennen. Ik was de wanhoop (en het ochtendgloren) al nabij, toen ik mij plotseling realiseerde, dat ik niet per auto, maar met het vliegtuig naar Frankfurt was gegaan.


Maar het kan altijd nog veel erger. Dat er namelijk op zo'n eerste avond in Frankfurt van alles mis kan gaan, ondervond ook een Nederlandse uitgever, die bij het verlaten van weer een andere lokaliteit met volledige vergunning de medewerking van een taxichauffeur inriep en in niet al te duidelijke bewoordingen te kennen gaf, dat hij "nach Hause", dat wil zeggen naar zijn hotel wilde. Waar dat dat wel wezen mocht... De man prevelde iets onverstaanbaars, besefte, dat de taxichauffeur er geen wijs uit werd en gaf hem toen zijn kaartje en drukte de taxichauffeur het daarop afgedrukte adres onder de neus. Pas toen hij in de buurt van Amsterdam wakker werd, drong het tot hem door, dat er iets was misgegaan. Hij is met dezelfde taxi weer naar Frankfurt teruggekeerd. Nu weet u ook, waarom boeken in Nederland zo duur kunnen zijn. Komt dus gewoon door die vaak onberekenbare overhead-kosten.


"Mijn erotische aspiraties tracht ik zoveel mogelijk in mijn geschriften uit te leven", las ik op een papiertje, dat kennelijk als bladwijzer dienst deed. Hoe ik ook mijn best deed: ik kon me geen concreet geval voor de geest halen, waarop deze surrogaatoplossing van toepassing zou kunnen zijn, maar zag even later tot mijn geruststelling, dat het woorden van Simon Vestdijk waren, ooit gericht tot Henriëtte van Eyk. Dat maakt de zaak een stuk eenvoudiger, want ik begon al aan mezelf te twijfelen.


Waarschijnlijk had ik net het Stenen bruidsbed gelezen, toen ik na een vakantie in Drente blijkbaar de onbedwingbare behoefte in me voelde opkomen om de wereld te laten weten:
Je moet het toch maar kunnen:
Eerst maakte zij óns bed op
En vervolgens nog het hunne.


Andere heel interessante vondsten bewaar ik nog even.

2 opmerkingen:

  1. De Cruyfiaanse uitvoering:

    Je moet het toch maar kunnen
    Eerst maakte hun het bed op
    Vervolgens nog het hunne

    BeantwoordenVerwijderen