Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


zondag 24 april 2011

Verhit

Het deed mijn vaak op emotionele spanningen geteste hart toch goed om vanmorgen mijn dochter mij een goede Paas te horen wensen. Weliswaar onderscheidt voor mij een Paasdag zich alleen maar door een extra eitje van alle overige dagen, maar het doet op zo'n zonnige dag toch prettig aan om eens gevrijwaard te blijven van op generatieverschillen gebaseerde kritische op- en aanmerkingen. Ofschoon dat op zich de geest wel actief en scherp houdt. Maar daar zijn ook andere middelen heel geschikt voor en die heb ik in ruime mate binnen handbereik.
Want toen Gerda belde, was ik juist in het al eerder ter sprake gekomen boekje Nackt duschen streng verboten aan het lezen, hoe het mannen ooit in New York City verboden is geweest (en misschien nóg wel is) om vrouwen na te kijken. Overtreding van dit voorschrift werd niet alleen bestraft met een boete van 25 dollar, maar ook met de verplichting om oogkleppen te dragen, zoals die gewoonlijk voor paarden werden gebruikt. Het feminisme moet in de Verenigde Staten al vroeg voet aan de grond hebben gekregen. Weliswaar kom ik ook in mijn omgeving regelmatig mannen met oogkleppen tegen, maar de achtergrond is meestal toch een andere. In een andere Ameriukaanse staat is het mannen zelfs verboden geweest om zonder schriftelijke toestemming van hun vrouw alcohol te kopen.
Minder dan een eeuw geleden mocht een vrouin Memphis alleen dan een auto besturen, als een man voor de auto uitliep om andere automobilisten en voetgangers met een rode vlag te waarschuwen.. De vraag is, of je in zo'n situatie nou medelijden met de man of met de vrouw moet hebben.




Rood, wit en blauw
 
Ik beweerde hierboven nu wel met een zekere zelfgenoegzaamheid, dat voor mij een Paasdag zich in niets onderscheidt van enige andere dag, maar de actualiteit gebiedt me thans, dit oordeel enigermate te herzien, althans te nuanceren. Dat begon, toen zich hedenmorgen als kleurrijk contrast een rode brandweerwagen tussen als het camperwit ophield. Even dacht ik, dat een brandweerman met zijn dienstwagen hier kwam kamperen, maar de situatie bleek ernstiger. Zóveel ernstiger zelfs, dat - als het een beetje tegen had gezeten - het gisteren mijn laatste weblog was geweest. Een regen van vonken, afkomstig van een zeer nabij ontstoken Paasvuur (door iemand aangeduid als Paasfeuer), was op enige campers en hun luifels neergedaald, met zeer ongewenste, zij het net niet desastreuze gevolgen. De brandweer is uren bezig geweest om een aantal campers van vettige roet en andere ongewenste sporen te ontdoen.
Waar overal elders Paasvuren wegens de droogte waren verboden, was het hier blijkbaar geen probleem. Zwaan kleef aan (de zwaan is het symbool van de stad Kleef).
Ik houd best van iets vurigs, maar er zijn wel grenzen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen