Deze weblog beoogt niet meer (en ook niet minder) dan een proeftuintje te zijn, waarin wordt geëxperimenteerd en gejongleerd met taal, zowel in proza als in poëzie. Neemt u de inhoud niet altijd even serieus: Wahrheit und Dichtung kunnen mijlenver uiteen liggen, maar soms ook verrassend dicht bij elkaar.

En schroomt u vooral niet om te reageren: rebekking@gmail.com


maandag 7 maart 2011

Rosenmontag

Zo, ik heb het er deze Rosenmontag weer zonder kleerscheuren afgebracht. Dat is wel eens anders geweest. Vele jaren geleden ben ik op deze dag niets vermoedend en ook van niets wetend bij toeval in de handen van enige Duitse vrouwen gevallen. Op zich hoeft dat geen onplezierige ervaring te zijn, maar op Rosenmontag heeft de vrouw het bij onze oosterburen kennelijk voor het zeggen.  Een heel verschil met ons land, waar zulks iedere dag het geval lijkt, maar dit even terzijde. 


Ik werd - kennelijk conform het folkloristische gebruik - van enig textiel beroofd, zij het, dat dat beperkt bleef tot een deel van mijn stropdas. Later trof ik meer mannen met afgeknipte stropdassen aan. Dit gebruik schijnt trouwens geheel in onbruik te zijn geraakt, omdat vrijwel niemand meer een stropdas draagt. Wat er tegenwoordig wordt afgeknipt weet ik niet. Ik heb ook geen kaas gegeten van carnaval, al laat ik het me wel eens te gemakkelijk van het brood eten. En volgens een Zuid-Nederlandse zegsvrouwe moet een noorderling zich ook helemaal niet met carnaval bemoeien. Die vrouw zij geloofd en geprezen.


De vrouw zij geloofd en geprezen..... Ook al is de vrouw niet het enige wezen, op wie deze aanbeveling van toepassing wordt geacht. Maar - zoals ik mij al eerder afvroeg - is geloofd nu het voltooid deelwoord van loven of van geloven?  Ik heb daar tijdens slapeloze nachtelijke uren nog eens over nagedacht en ben tot de conclusie gekomen, dat hier alleen maar het voltooid deelwoord van geloven kan zijn bedoeld. Zo niet, dan zou er - geheel onnodig en overbodig - twee keer hetzelfde worden gezegd. Want loven en prijzen zijn synoniemen.
Er doet zich evenwel nóg een probleem voor. Volgens taalkundigen zijn de sterke werkwoorden langzaam maar zeker aan het verdwijnen. Dat zou kunnen betekenen, dat voor "geprezen" eigenlijk "geprijsd" moet worden gelezen. Inderdaad: zelfs een vrouw heeft haar prijs, al wordt zij vaak voor onbetaalbaar gehouden. En hoe moet ik het andere wezen nog (ge)loven en prijzen als ik zie wat er allemaal in Libië en omstreken gebeurt? 



Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen